Projecten
Marktwerking in de zorg (maart 2009)
1. Inleiding
Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ( VWS ) wil in het zorgstelsel meer marktwerking en concurrentie. Concurrentie tussen zorgaanbieders dwingt en motiveert zorgorganisaties om de beste kwaliteit zorg te leveren tegen marktconforme tarieven. Het bevorderen van marktwerking uit zich onder meer in wetgeving. Deze Wet marktordening gezondheidszorg ( WMG ) moet zorgen voor meer concurrentie tussen zorgaanbieders. Echter er zijn diverse signalen in de verschillende media, dat een groot aantal zorgaanbieders grote moeite hebben met marktwerking. Het marktgedrag van verschillende zorgaanbieders is streven naar onzekerheidsreductie door samenwerking met marktpartijen en fusie naar het lijkt om de concurrentie onderling zoveel mogelijk te minimaliseren en hun huidige marktaandeel te beschermen. Vooral zijn sommige vormen van samenwerking onduidelijk, faag en lijken niet in het voordeel van de zorgvrager / cliënt uit te werken. Tevens lijken deze constructies strijdig met de Wetgever. Ook de keuzevrijheid van zorgvragers naar zorg in natura, PGB of een combinatie van in natura en PGB zijn hierdoor in het geding. In onze eigen gemeente Hendrik Ido Ambacht is er tussen zorgorganisatie de Blije Borgh enerzijds en een woningcorporatie / projectontwikkelaar Rhiant anderzijds een samenwerkingsovereenkomst gesloten voor een project woonzorgcomplex in de wijk Oostendam. Vooral bij de Stichting Adviesraad Gehandicaptenbeleid komen er vanuit de groep senioren, ouderen, gehandicapten en mensen met een zorgvraag de nodige vragen betreffende dit project. Deze vragen betreffen het woonzorgcomplex, de samenwerkingsovereenkomst van Blije Borgh en Rhiant, de keuzevrijheid van zorgvragers en in het kader van de Wmo de rol / verantwoordelijkheid van de gemeente in dit project.
2. Woonzorgcomplex / landelijk
Bijvoorbeeld Woonzorg Nederland bouwt over het gehele land verspreid in samenwerking met marktpartijen woonzorgcomplexen. Een woonzorgcomplex is een modern appartementencomplex dat klaar is voor de toekomst. Dat wil zeggen dat er voorbereidingen zijn getroffen voor het eventueel aanbrengen van woontechniek. De binnendeuren zijn een meter breed, drempels ontbreken zowel in het individuele appartement als in het gehele complex. De toegankelijkheid voor mensen in een rolstoel wordt zo gewaarborgd. Als bewoners het wensen kunnen zij ondersteuning krijgen van zorg, huishoudelijke hulp of diensten in hun appartement. Dit wordt niet verplicht deze keuze van zorg in natura, PGB of een combinatie van in natura of PGB is volkomen vrij. Ook hebben toekomstige bewoners keuze uit verschillende type appartementen, huur of koop en de oppervlakten variëren veelal van 80 tot 120 m2. Dit is wat mensen van een woonzorgcomplex verwachten en past in de beeldvorming, filosofie van VWS. Vooral het woonzorgcomplex Oostendam heeft volstrekt andere criteria als de algemene beeldvorming die mensen hebben van een woonzorgcomplex naar landelijk voorbeeld. Vooral de vragen en opmerkingen van senioren en ouderen betreffende dit project bevestigen dit.
3. Woonzorgcomplex Oostendam
In het kader van het bouwen en beheren van een woonzorgcomplex in Oostendam is door Rhiant en de Blije Borgh een samenwerkingsovereenkomst gesloten. Rhiant is een woningcorporatie / projectontwikkelaar en de Blije Borgh is een zorgorganisatie. Het woonzorgcomplex in Oostendam heeft 47 seniorenappartementen, 30 daarvan worden toegewezen voor verzorgd wonen. De opzet en uitvoering van dit woonzorgcomplex is volstrekt anders dan wat de landelijke ontwikkelingen zijn op dit gebied. Dit project lijkt niet te voldoen aan wetgeving en de maatschappelijke ontwikkeling van zorg en wonen.
3.1 Vragen uit de achterban betreffende het complex Oostendam
· Is dit wel een woonzorgcomplex?
· De vlag dekt de lading niet?
· Is dit gewoon een verzorgingshuis?
· Een woonzorgcomplex dient in de toekomst een verzorgingshuis te vervangen?
· Is het woonzorgcomplex toegankelijk voor mensen in een rolstoel?
· Indien het een verzorgingshuis is, dan is de regelgeving en bouwverordening hiervan toch anders dan het bouwen van een appartementencomplex?
4. Samenwerkingsovereenkomst
Rhiant (woningcorporatie) enerzijds en de Blije Borgh (zorgorganisatie)anderzijds hebben een samenwerkingsovereenkomst gesloten betreffende de bouw en exploitatie van een woonzorgcentrum in de wijk Oostendam. Deze overeenkomst is als volgt:
· Rhiant financiert de bouw en wordt eigenaar van het complex.
· Rhiant wordt tevens de verhuurder van de appartementen.
De Blije Borgh gaat op basis van een indicatie (zorgzwaartepakket) de woningtoewijzing voor haar rekening nemen. Met andere woorden de toewijzing van een woning/ appartement en het verlenen van zorg wordt in handen gelegd van één zorgorganisatie.
4.1 Vragen uit de achterban betreffende de samenwerkingsovereenkomst
· De toewijzing van een woning op basis van zorgzwaarte en zorgverlener in één hand is dat niet erg onzorgvuldig?
· Deze constructie lijkt op belangenverstrengeling?
· Is deze constructie niet in strijd met de wetgever en marktwerking?
· Is in deze constructie de vrijheid van keuze van de zorgvragers geëlimineerd?
· Hoe wordt de huishoudelijke zorg vanuit de Wmo geregeld?
· Wat blijft over van de vrije keuze van zorg en zorgverlener en de rechtsbescherming van zorgvragers?
· Welke rol heeft de gemeente hierin als uitvoerder van de Wmo, huishoudelijke zorg?
5. Rol vanuit de gemeente
5.1 Vragen achterban betreffende de rol / verantwoordelijkheid gemeente
· De gemeente is in het kader van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) toch volledig verantwoordelijk voor de regietaak betreffende wonen, welzijn en zorg voor alle inwoners van Hendrik Ido Ambacht?
· Welke rol, criteria heeft de gemeente gehanteerd voor de afgifte van een bouwvergunning voor dit project?
· Een bouwvergunning voor een woonzorgcomplex naar landelijk voorbeeld of een bouwvergunning voor een verzorgingshuis?
6. Conclusie en aanbeveling
Over het woonzorgcomplex in de wijk Oostendam is veel onduidelijkheid en lijkt niet te voldoen aan de Wet marktordening gezondheidszorg (WMG). Verder regelt de WMG ook het toezicht op alle zorgmarkten in Nederland. Vooral de Nederlandse Zorgautoriteit, kortweg de NZa, voert dit toezicht uit. Gelet op de vele onduidelijkheden en vragen betreffende het woonzorgcomplex Oostendam, zou een toetsing door de NZa, wel duidelijkheid kunnen verschaven. Namens de Stichting Adviesraad Gehandicaptenbeleid Hendrik Ido Ambacht, de NZa formeel verzoeken in deze een besluit te nemen in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
C. Zwijnenburg, lid Aviesraad
Ludieke actie toegankelijkheid gemeente
Op 9 september 2004 werd in de gemeente een "Ludieke Actie" gehouden met als doel de problemen met betrekking tot het (niet) toegankelijk zijn van de openbare weg en winkels aan te tonen.
Tevredenheidsonderzoek
In 2002 is als project een ‘tevredenheidsonderzoek’ uitgevoerd.
Op grond van het onderzoek en in nauw overleg met wethouder T.A.Stoop van Sociale Zaken komt de Adviesraad Gehandicaptenbeleid tot de volgende aanbevelingen:
• Een betere voorlichting aan aanvragers en gebruikers door de gemeente en andere partijen, waarbij de gemeente een sturende rol heeft.
• Betere prestatie ten aanzien van de levering en reparatie van een persoonlijke vervoersvoorziening door het maken van afspraken met leveranciers.
• De aspecten van zelfredzaamheid en zelfstandigheid van de doelgroep moeten meer centraal staan.
• Aandacht schenken aan de procedure rond de medische keuring.
• Bekendheid geven aan de mogelijkheid om bezwaar te maken tegen een besluit in het kader van de Wvg en klachten te uiten over de uitvoering van de Wvg.
• Het initiatief en de coördinatie met betrekking tot aanvraag en levering van voorzieningen moeten bij de gemeente liggen. Een strakke regie en een goede controle zijn gewenst, alsmede een beoordeling achteraf of de gebruiker de juiste voorziening heeft gekregen.
• De gemeente blijft aanspreekpunt, ook als er meerdere partijen en rol spelen; de kwaliteit in de behandeling en de doorlooptijd van aanvragen moeten worden bewaakt.
• Voor kleinere voorzieningen dient een budget beschikbaar te zijn, opdat een dergelijke voorziening op korte termijn geleverd kan worden.
• De woningbouwcorporatie moet kunnen beschikken over een budget opdat bepaalde (kleinere) voorzieningen direct kunnen worden aangebracht.
• Controle op het gebruik van de geleverde voorzieningen, met name de scootmobiel. Voldoet de voorziening aan de verwachting en de behoefte van de gebruiker, maakt men er gebruik van of heeft men ondersteuning nodig.
• Duidelijk moet zijn wie verantwoordelijk is voor het leren rijden met een scootmobiel en welke aanvragers/gebruikers lessen moeten volgen. Tevens moet kunnen worden bepaald of gebruikers een vervolg of herhalingsles nodig hebben.

Projecten

